Recensie: Basisvaardigheden academisch schrijven

18 mei 2015 15:00

Dit boek richt zich op academische studenten die wetenschappelijk moeten schrijven. In eerste instantie lijkt dit boek dus niet geschikt voor hbo-studenten, voor wie ik op zoek ben naar naslagwerken. Omdat het een heel praktisch boek is met veel oefenmateriaal en omdat studenten er zelf achter moeten kunnen komen wat er ontbreekt aan hun taalvaardigheid, heb ik toch verder gelezen.

Ook omdat deze studenten net zo goed samenhang in hun teksten aan moeten brengen, kritisch moeten reflecteren en moeten kunnen parafraseren. Daarnaast zou het boek ook geschikt moeten zijn voor studenten met een andere moedertaal, wat in het hbo ook regelmatig voorkomt.

De inhoudsopgave maakt mij blij, omdat de suggestie wordt gewekt dat studenten zelf moeten reflecteren op hun schrijfvaardigheid en omdat het schrijfproces aandacht krijgt. Dit is hem:

  1. Het niveau van je schrijfvaardigheid
  2. Het schrijfproces
  3. De voorbereiding
  4. Tekststructuur
  5. Bronnen verwerken
  6. Een wetenschappelijke stijl
  7. Stijltips
  8. Reviseren: correct formuleren
  9. Spelling en interpunctie
  10. De eindredactie

In de inleiding wordt opgemerkt dat ook eerstejaars wo-studenten niet altijd het vereiste B2-niveau bezitten. Iets wat in het hbo bij gemiddeld zestig procent van de nieuwe studenten het geval is, weten we uit eigen ervaring. De inleiding is duidelijk toegespitst op wetenschappelijke studenten en dat maakt het voor een hbo-student misschien iets minder plezierig om te lezen. Desondanks denk ik dat het een heel prettig boek kan zijn voor studenten in de hoofdfase of studenten die bezig zijn met hun scriptie. Onder academisch schrijven wordt in dit boek namelijk veel meer verstaan dan alleen het schrijven van wetenschappelijke artikelen. Er is vooral aandacht voor algemene taalvaardigheid. Tot slot wordt in de inleiding gemeld dat studenten dit boek in zijn geheel kunnen lezen, maar er ook hoofdstukken uit kunnen pikken.

In hoofdstuk 1 moet de student een indruk krijgen van het niveau van zijn eigen schrijfvaardigheid. Door middel van vragen reflecteert de student hierop. Hij moet bedenken wat hij zelf goed en minder goed vindt aan zijn teksten en waar hij vaak complimenten over of kritiek op krijgt van anderen. Daarnaast krijgt hij de opdracht een diagnostische toets te maken op de website van het boek. De website geeft ook een lijst met manieren om deficiënties weg te werken. Vervolgens denkt de student na over zijn eigen schrijfproces: Hoe en wanneer begin je? In welke stappen en in hoeveel rondes schrijf je? Ben je tevreden? Wat gaat makkelijk en wat niet? Verder probeert dit hoofdstuk de student ook positiever te laten denken over schrijven, namelijk als iets wat hij kan leren.

Hoofdstuk 2 richt zich op het schrijfproces. Ik vind het fijn dat hier aandacht aan wordt besteed, omdat schrijven veel meer is dan gewoon schrijven en herlezen. Het boek erkent dat er meerdere typen schrijvers zijn en probeert dus niet iedere student in dezelfde mal te duwen. De student kan er zelf achter komen wat voor type schrijver hij is en welke voor- en nadelen hieraan kleven. Wat sowieso aan te bevelen is, is niet alle taken van het schrijfproces tegelijk uit te voeren, omdat dit de kwaliteit van de tekst niet ten goede komt. Het boek helpt de student met wat de verschillende fasen zijn en in welke volgorde deze het best uitgevoerd kunnen worden. Verder worden er tips gegeven over hoe je het beste kunt beginnen met schrijven en hoe je je aan je planning houdt.

Hoofdstuk 3 richt zich op de voorbereiding op het schrijven. De student moet van tevoren goed bedenken wat precies de opdracht voor de schrijftaak is, zijn onderwerp afbakenen en het doel en publiek van de tekst bepalen. Er worden tips gegeven om hierbij een mindmap te gebruiken en oefeningen om het doel van de schrijver uit een tekst te halen. Vervolgens wordt er beschreven hoe de centrale vraag geformuleerd kan worden, hoe bijbehorende informatie verzameld kan worden en het plan voor de uiteindelijke tekst geschreven kan worden.

Er volgen nog enkele hoofdstukken over onderwerpen die algemener zijn binnen de schrijfvaardigheid: structuur, bronvermelding, stijl, woordenschat, grammatica, spelling en interpunctie. Hoofdstuk 10 wijkt daarvan af en gaat over de laatste hand leggen aan de tekst, zowel op het gebied van inhoud, structuur en formulering als lay-out. De website bij de methode biedt hier controlelijstjes voor.

Extra materiaal bij het boek is te vinden op www.countinho.nl/bas. Hier is onder andere een lijstje met verbindingswoorden, een stappenplan voor het maken van een samenvatting, uitleg over verschillende tekstsoorten, links naar diverse websites, voorbeelden van voorbladen, antwoorden bij de oefeningen en extra oefenmateriaal te vinden. Ik vind het prettig dat het boek er steeds naar verwijst, zodat je gericht van de website gebruik kunt maken. Een nadeel is wel dat de informatie niet erg handig gestructureerd is als je niet met het boek werkt.

Eindoordeel
Basisvaardigheden academisch schrijven leest erg prettig. Goosen en Schoordijk hebben een makkelijk leesbare schrijfstijl. Dit maakt het boek allerminst droog, hoewel ik dit wel verwacht had bij een boek over dit onderwerp. De informatie is goed gedoseerd en wordt afgewisseld met veel oefenmateriaal, voorbeelden uit de praktijk en verwijzingen naar handige lijstjes en testjes op de website. Dit maakt dat de aandacht niet snel verslapt. Wat ook fijn is, is dat de hoofdstukken afzonderlijk van elkaar gelezen kunnen worden. Het boek is dus niet alleen prettig om helemaal door te lezen, maar studenten die al weten waar hun hiaten zitten, kunnen er makkelijk enkele hoofdstukken uitpikken. Wat betreft de onderdelen over taalvaardigheid vind ik het positief dat er minder gefocust wordt op grammatica en spelling en meer op structuur en formulering. Wanneer het namelijk rammelt op die laatste twee onderwerpen, zal het ook op die eerste twee onderwerpen minder goed gaan, is mijn ervaring.

Basisvaardigheden academisch schrijven is geschreven door Maartje Goosen en Francien Schoordijk en uitgegeven bij Coutinho. Het heeft 192 pagina’s en kost € 27,50.